willekeurig
hitparade
plaats
soort
naam
element
stijl
architect
vroeger
main
--> Hoofdblad --> Lijst van alle plekken Of Vorige
Men vindt deze plek vrij mooi! Gemiddelde score: 5.1 door 3274 willekeurig stemmers.
En U??? Stem op de plekken in BelgiŽ via Willekeurig
(Ref:0000208)




Toon map op Google Maps

De Zwarte Panter -Sint-Julianusgasthuis te ANTWERPEN 1 (centrum) / ANTWERPEN
(Hoogstraat 70-72)

De Zwarte Panter -Sint-Julianusgasthuis ANTWERPEN 1 (centrum) / ANTWERPEN foto
Foto door Johan Mares (@Belgiumview)



Hugo Van hunsel: 'Was het ST. Julianusgasthuis (nvdr: hotel avant la lettre). De officiele stichtingsakte dateert van 05.04.1305. Het was een gasthuis voor pelgrims op weg naar Santiago de Compostela en landlopers. De jaarlijkse pelgrimtafel op Witte donderdag is het laatst dat ons nog herinnert aan de vroegere tijden. In de kapel plaats men een rijkelijk versierde tafel waar twaalf genodigden (landlopers of armen mogen genieten van een heerlijke maaltijd).' Volgens Emanuel De Paepe: 'Dit was vroeger een trekpleister voor controversiŽle schrijvers. Vooral in de jaren 60 waarin de hippies hoogtij vierden.'

Frits Schetsken: 'Het Sint-Julianusgasthuis is genoemd naar een heilige die uitblonk in gastvrijheid. Gesticht op 5 april 1303 door Ida van der List en Johannes Tuclant is het bestemd om pelgrims op weg naar Sint-Jacob van Compostella drie nachten onderdak te bieden en hen daarna een getuigschrift mee te geven van goed christelijk gedrag, wat het toegangsbewijs voor andere gasthuizen op de route is.

In 1540 krijgen de Aalmoezeniers het beheer en eind 16de eeuw is er zo'n tegenspoed voor het complex, dat passanten er nog enkel wat stro vinden als bed. Van 1702 tot 1798 komt het in handen van de Loretanen, Antwerpenaars die een bedevaart hebben gemaakt naar het Italiaanse Loreto, waarheen volgens de legende het Nazarethse huisje van Maria door engelen is overgebracht. De Antwerpse Loretanen ondersteunen hun navolgers financieel en materieel. De zaal van het gasthuis wordt vergroot voor feesten en toneel, waarvan de opbrengst voor de armen is bestemd. Rond 1710 trekken ze met hun toneelvoorstellingen naar het tapissierspand op de Graanmarkt, waaruit in de 19de eeuw de Bourlaschouwburg zal voortkomen.

De kapel in Brabantse gotiek dateert uit 1505. In 1792 worden er Franse soldaten ingekwartierd, die de kapel leeghalen en het Rochusbeeldje boven de ingang verwijderen. Nu is daar het beeld van De Zwarte Panter voor in de plaats gekomen.

In 1800 wordt het gasthuis verhuurd als dans- en feestzaal, de Broederschap van de Loretanen wil het heropenen, maar in de Franse tijd komt het in handen van de commissie voor burgerlijke gasthuizen, waaruit ons huidige Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW) voortkomt. Het wordt een rusthuis voor oude lieden.

In 1815 wordt in de kapel voor het eerst de Pelgrimstafel heringericht, waaraan op Goede Vrijdag 12 pelgrims kunnen plaatsnemen die de reis naar Rome of het Heilig Land hebben volbracht. Bij gebrek aan 12 pelgrims wordt heden ten dage hun aantal aangevuld met armen uit de stad en de reis is dus geen voorwaarde meer. Nog steeds wordt op Witte Donderdag de Pelgrimstafel met twaalf verschillende visgerechten gedekt, bekostigd door diverse handelaren en worden 's avonds 12 bejaarden uit diverse Antwerpse rusthuizen ter tafel genood. Voordien kan het publiek de rijk uitgedoste tafel bewonderen. De oorsprong van dit gebruik ligt bij een testamentaire beschikking uit 1556 van Capeteyn d'Areste, waarbij deze een jaarlijkse gift beschikbaar stelt om op die dag voor de armen een maaltijd op te dienen.

Gemis aan comfort en problemen met de brandveiligheid noodzaken het OCMW om in 1988 het rust- en verzorgingsoord te sluiten en de laatste bewoners naar elders te verhuizen. Wel blijft er nog tot eind twintigste eeuw het Nachtverblijf van Sint-Julianus aan de kant van de Sint-Jansvliet, waar twee bedden gereedstaan voor dakloze vrouwen, die hier dan drie opeenvolgende nachten gratis mogen verblijven.

Intussen wordt op 16 oktober 1945 in Pepingen in het Pajottenland ten zuidwesten van Brussel Adriaan Raemdonck geboren. Eenmaal wat opgegroeid wil de knaap kunstschilder worden begot! Hij belandt zowaar op de Antwerpse kunstacademie, maar nog meer in cafť De Muze, waar alles wat in die dagen jong en creatief is in de stad samenschoolt en elkaar beÔnvloedt: Panamarenko, Wannes Van de Velde, Fred Bervoets, Ferre Grignard, Hugo Heirman en daar bescheiden tussenin Adriaan Raemdonck.

Maar dan gebeurt er iets in de nacht van 3 op 4 april 1968: een strijkijzer veroorzaakt een hevige brand in de Sint-Pauluskerk aan de Veemarkt en een hele schare buurtbewoners wordt plots kunstredder om de inboedel van de kerk weg te slepen uit een vlammenzee. Een van hen is Adriaan, die met een legerschop de ravage te lijf gaat en ontdekt dat hij meer in de wieg is gelegd om zich om kunstschatten te bekommeren, dan om er zelf te maken. Het idee voor een eigen kunstgalerie is geboren bij de kunststudent die dan in het hoogste jaar van de Antwerpse Koninklijke Academie voor Schone Kunsten is beland en voor zijn eindexamen staat. Hij zal daar niet voor slagen, hij heeft zijn zinnen al op iets anders gezet.

Op de hoek van de Oude Beurs en Wisselstraat 2 staat een pand leeg, waar voorheen onder de naam La PanthŤre Noire een dame van lichte zeden haar gunsten afficheerde. Adriaan is op dat moment assistent-decorbouwer van Paul Degueldere bij de toenmalige BRT-omroep en met die inkomsten huurt hij het vroegere bordeel om er zijn kunstgalerie in te starten, waarbij hij de vroegere naam vervlaamst om zeker geen aanleiding tot misverstanden te geven, maar tegelijk ook het verschil met andere galeries te maken. Met afgedankt decoratiemateriaal kan Adriaan zijn nieuwe expositie- en feestplek aankleden. De opening vindt plaats op 5 december 1968 met een tentoonstelling van Lilly van Oost en een vernissage met muziek van Wannes van de Velde en Flor Hermans. Zelfs de politie heeft interesse, zij het misschien niet direct voor de tentoongestelde kunst. Vlakbij hebben een aantal kunstenaars hun ateliers in de Oude Beurs en de Spanjepandsteeg, de Muze is twee steenworpen verderop.

Wanneer het pand in 1970 niet langer beschikbaar is, moet Adriaan op zoek naar een nieuw onderkomen voor zijn galerie en zo komt hij uit bij de leegstaande middeleeuwse kapel in de Hoogstraat, die hij kan huren van het Antwerpse OCMW. Daar wil hij zich niet uitsluitend toeleggen op tentoonstellingen, maar gaat hij ook zijn eigen Ďstalí van kunstenaars begeleiden en voor hen kansen creŽren via het exposeren van hun werk op buitenlandse kunstbeurzen. Daarnaast tracht hij dynamiek in en om de galerie te scheppen via het organiseren van voorstellingen van undergroundfilms, literaire activiteiten en muziekoptredens.

Van de opheffing van het rust- en verzorgingstehuis kan Adriaan gebruikmaken om de galerie uit te breiden met een aantal ruimten rond een groen binnenpleintje. Wanneer ook het vluchthuis voor vrouwen naar een beter onderkomen vertrekt, kan Adriaan de conciŽrgewoning daarvan inrichten als etsatelier voor Roger van Akelijen, een van zijn vaste kunstenaars, waardoor het in 1970 opgerichte Panter Print over een eigen ruimte beschikt. Het in 1971 opgerichte Panter Pers Atelier zorgt onder leiding van Roger Vandaele voor eigen publicaties. De winkel onder het vluchthuis wordt wat later een nieuwe expositieruimte aan de Hoogstraatzijde.

Hoewel hij begint in een periode waarin de conceptuele kunst opkomt, blijft Adriaan Raemdonck trouw aan zijn eigen liefde, de figuratieve schilderkunst, aangevuld met beeldhouwwerk. Hij weet kunstenaars als Fred Bervoets, Jan Cox, Walter Goossens, Marcel van Maele, Wilfried Pas aan zijn galerie te binden en stelt ook werk van talloze andere beginnende en gearriveerde creatievelingen tentoon, stimuleert ook samenwerking van beeldende kunstenaars met literaire auteurs als Hugo Claus.

Als galeriehouder van de oudste nog bestaande ruimte voor hedendaagse kunst in Vlaanderen is Adriaan Raemdonck vandaag voorzitter van de Belgische en Europese beroepsorganisatie van kunstgalerieŽn. Achter de poort met dat beeld van een panter in de fries kan je van donderdag tot en met zondag dit alles gaan bewonderen tussen 13.30 en 18 uur. '


Karlie Vreugde: 'Ben er enkele jaren geweest. Er is een soort binnenplaats met een kapel met allemaal kunstwerken? Prachtig.'



FranÁais
English








Sponser
Belgium
View
Home
Bronnen
Privacy